LANDMIJN OVERLEEFD

11 juni 2025 - Gjirokastër, Albanië

Nog maar net onderweg, en we sloegen alweer een verlaten, onverharde weg in. Ik had mijn telefoon ingesteld als om attracties op te zoeken via Google, terwijl Ad zijn telefoon als navigatie fungeerde.
Zo konden we precies in de gaten houden hoe lang we nog naar Gjirokastër moesten rijden en konden we snel beslissen of we mijn telefoon even zouden volgen om van de oorspronkelijke route af te wijken.

En ja, dan kom je dus op van die plekken waar je opeens geconfronteerd wordt met de sporen van het communistische verleden van Albanië. Waar ook duidelijk wordt waar toen het geld naartoe ging: niet naar de wegen, maar naar militaire complexen, zoals de verlaten bunkers vlak bij Bajkaj.

Bajkaj is een klein dorp in het zuiden van Albanië, in de regio Vlorë, tussen Sarandë en Delvinë. Het ligt aan de oevers van de rivier de Kalasa en is omgeven door heuvelachtig terrein. En daar, aan de kant van de weg, stond een boom met daarop een treurend gezicht gebrand.  "Wat was daar te zien?" vroegen we ons af.
We reden het onverharde pad op, dat nóg slechter was dan de weg naar Koman.

De bermen lagen vol met afgedankt vuilnis, terwijl hier op het eerste oog juist een prachtig stukje natuur verscholen lag. Water stroomde van een hoger gelegen plaats via een kleine dam naar de lagere delen. Overal fladderden vlinders, vooral de kleine blauwe pimpernel, die hier opvallend blauw van kleur is – terwijl in Brabant Natuurmonumenten alles op alles zet om deze soort weer terug te krijgen.
Grote insecten en kwakende kikkers maakten het een juiste plek om even te stoppen, ondanks de hitte. 

Toch zorgden de vele bunkertunnels – die tijdens het communisme als munitieopslag dienden – voor een wat beklemmende sfeer. Je keek wel uit waar je je voeten neerzette. Er zou maar net een landmijn onder verstopt liggen!

De volgende spontane actie was het afslaan van de weg richting Kardhiq. Onverhard, steil en vol takken die onder de bumper doorschoven. Maar wij waren te druk met het bewonderen van de bijzondere, prachtige bomen die we onderweg zagen. Het leek alsof we door de wolken reden, tijdens een magische zonsondergang. Zo zacht en met allerlei pasteltinten rood kleurden de bladeren – of waren het bloesems? – van deze bomen. Elk met een andere schakering.

Zelfs Ad, die ooit voor tuinarchitect had gestudeerd, had geen idee welke boomsoort het was. Een plaatselijke boer hield ons tegen met zijn kudde en vroeg of hij kon helpen. We vroegen naar het kasteel. Hij wees ons vriendelijk de weg, en wij gingen weer verder.

Totdat het voor mij niet meer verder hoefde. Ik vond het doodeng worden. Veel te steil, met scherpe keien en los grind. Dus... in z’n achteruit de berg weer af, want ruimte om te draaien was er niet.

Dan maar op zoek naar een ander ‘sterretje’ of een fotospot op Google Maps.

Trouwens, de weg naar Gjirokastër had ook vanaf Ksamil via Rruga Kardhiq nog een nieuw spannend element: een tunnel!

Nu zou je denken: wat is daar bijzonder aan?

TIP: zet je zonnebril af en je gewone bril op als je achter het stuur zit en een tunnel in Albanië inrijdt.

Want het kan zomaar gebeuren dat het licht ineens uitvalt… midden in de rit. En dan, naast de tegenliggers die je verblinden, zie je echt helemaal níets meer. Geen wanden, geen middenstreep, niks. Pikdonker. Ad schrok zich rot. Zelfs de twee werkmannen in het oranje gekleed aan het eind van de tunnel zagen we nauwelijks – terwijl de mannen daar bezig waren met een puzzel van elektrische draden. Net als dat vrouwtje bij de tv in Ksamil!

We reden daarna door naar Prongji, waar we werden getrakteerd op een bijzonder concert van muzikale geiten en schapen. Hoge bellen, lage bellen – het hele do-re-mi kwam voorbij, dankzij deze fanatiek rinkelende kudde. Met het geluid nog in onze oren staken we een gammel bruggetje over (al lang afgekeurd, vermoed ik) en daalden af naar een beekje, om daarna steil omhoog te rijden over een smalle maar goede asfaltweg.

En daar zagen we het: het bedevaartskerkje. Ik had nog nooit zoiets gezien. Een blok beton, met een schuifdeur van plastic. Binnen: helemaal niks. Alleen een bezem en een kaarsje. Ik denk dat dit de soberste kerk van heel Albanië is.

Dus… maar weer verder. Ad z’n telefoon volgen, op weg naar Gjirokastër. Of nee, toch nog een stop, bij het oorlogsmonument aan de weg. Prominent aanwezig langs de kale weg en zeer slecht onderhouden.  

Zo weken we steeds van de gebaande paden af – om bijna op een landmijn te stappen, van een berg af te glijden of een brug te laten instorten, waarna niemand ons nog zou herdenken."
 

Foto’s

1 Reactie

  1. Vera Mollers (oud-collega Liesbeth):
    18 juni 2025
    Heerlijk hoor, al die lange verhalen. Waar haal je de tijd vandaan. En dan ook nog zo veel foto's.