OPOFFERING EN GEBRUL
28 mei 2025 - Shkodër, Albanië
Het werd vanmorgen een korte douche, omdat er een hoge, schelle piep klonk zodra je de kraan opendraaide. Niets hielp om dat geluid weg te krijgen. Voordeel: om zes uur stond ik al klaar om van start te gaan (en dankzij de herrie waarschijnlijk ook alle andere gasten). Ramen open van de kamer en mezelf verwonderd over het uitzicht dat we gisteravond niet hadden kunnen zien – zelfs niet met het grootlicht van de auto!
De geur van heerlijk zelfgemaakt brood bereikte mijn neus, waardoor het water al in mijn mond liep. Ook de vogels, blaffende honden en krolse poezen gaven dit alles een heerlijk gevoel. Ruwe rotswanden tegenover mijn kamer maakten dat ik Ad ook liet opstaan. We maakten een korte wandeling over de kasteelmuren van ons gastverblijf Emiliano en kregen daarna ons ontbijt, geserveerd op de muur.
De gastvrouw (vierde generatie) wenkte Ad om in de keuken, die steil onder het terras lag, een dienblad mee te nemen met allerlei lekkernijen. Zelfgemaakte honing, fruit, komkommer en tomaat, eieren met worst, brood, toast, olijven, feta en een soort siroop brachten mijn smaakpapillen tot leven. Geuren en smaken die ik nog nooit had geproefd. De Albanese keuken is voor mij compleet verrassend: kleine porties, ideaal om rustig overal van te kunnen proeven.
Na het heerlijk ontbijt op de oude kasteelmuren en in de tuin van Emiliano, checkten we rond 09.00 uit en stond vandaag het kasteel, het Etnografisch Museum en de bazaar van Krujë op het programma om te bezichtigen.
Het kasteel is niet alleen een ruïne, maar ook een museum. Binnen vind je alles over Skanderbeg, de Albanese held die de Ottomanen jarenlang tegenhield. Bij het kasteel, maar ook bij de bazaar beneden in Krujë, staat deze volksheld nog steeds volop in de schijnwerpers. Monumenten, souvenirs en zelfs bier en wijn zijn naar hem vernoemd of aan hem opgedragen.
Vanaf de toren had ik een 360° uitzicht over de vlaktes, de bergen én op heldere dagen kun je zelfs de Adriatische Zee zien. In het Etnografisch Museum maakten we een tijdsprong naar hoe de mensen hier vroeger leefden. Het museum is gevestigd in een oud Ottomaans huis met prachtig houtwerk, kleurrijke tapijten en antieke keukenspullen. Ook Ad kreeg hier de kans om zich te verkleden in de traditionele klederdracht.
Als laatste stond de bazaar op het programma. Ad had dit al snel gezien; na één winkeltje had hij het wel gezien, bleef hij zitten en verkende hij de rest niet meer. Ad aan de cappuccino, en ik dus lekker slenteren — wel heel voorzichtig — langs de kraampjes, want de straatjes werden steeds smaller en de kasseien steeds gladder doordat de bovenlaag afslijt door de vele bezoekers.
Na alle bezienswaardigheden van Krujë te hebben afgestreept op mijn vooraf gemaakte roadtrip-lijst, reden we noordwaarts richting Shkodër. Onderweg kwamen we langs vele politiecontroles, maar door de gaten in het wegdek kon je met onze Fiat Panda toch niet hard rijden. Het uitzicht onderweg was schitterend, tussen de bergen door en langs vele auto- en bouwbedrijven.
We stopten bij een kiosk langs de weg voor shampoo, jerrycans water en Ad zijn favoriete koekjes. De vrouw was erg behulpzaam: ze haalde voor mij shampoo bij de buren of mmisschien vanuit haar eigen woning, want ze verkocht het niet zelf. Ook alle producten die wél verkocht werden, waren ruim drie maanden over datum – maar ach, dat eten we thuis ook nog op, dus waarom hier niet?
Opnieuw kwamen we onderweg vee tegen of een boer die met zijn kudde midden over de weg liep. We stapten uit om mee te lopen en mooie plaatjes te schieten.
Uiteindelijk kwamen we aan bij ons hotel aan de rand van Shkodër, aan de rivier Buna. Shkodër (ook wel Shkodra genoemd) ligt in het noorden van Albanië, dicht bij de grens met Montenegro. Het is een van de oudste steden van het land, met een geschiedenis van meer dan 2400 jaar. De stad ligt prachtig aan het Shkodërmeer (het grootste meer van de Balkan) en aan de voet van de Albanese Alpen. Onze hotelkamer bood een mooi uitzicht op de Rozafa-burcht, waar we die middag ook een bezoek aan zouden brengen.
Het is maar goed dat ik deze reis vooraf had voorbereid met de highlights en ‘must-do’s’, want anders had ik het verborgen pareltje in Shkodër nooit ontdekt: het witte gebouw van Venice Art. Het lag in een straat waar je het niet meteen zou verwachten, maar zodra je de deur opent, stap je een andere wereld binnen.
De geur van verf en papier-maché hangt in de lucht. Overal zie je kleurrijke maskers – goud, zilver, felrood, diepblauw – elk met een eigen expressie: geheimzinnig, verleidelijk, melancholiek. Hier draait het niet om massaproductie; dit is pure kunst en vakmanschap.
In de winkel bewonderden we de vele maskers (de goedkoopste €35, de duurste duizenden euro’s) en daarna nam de verkoper ons mee naar het andere gebouw: de Venice Art Mask Factory. Hier bevindt zich een ambachtelijke werkplaats waar eeuwenoude Venetiaanse tradities springlevend worden gehouden. De maskers worden nog steeds met de hand gemaakt, precies zoals in het Venetië van de Renaissance.
Deze werkplaats levert niet zomaar aan souvenirwinkels: hun maskers schitteren op het beroemde Venetiaanse carnaval, in operahuizen, op theaterpodia en bij luxe evenementen wereldwijd. Zelfs de maskers die Tom Cruise droeg in de film Eyes Wide Shut werden hier gemaakt!
Na het hele proces te hebben aanschouwd, kreeg ik een kaartje mee om later contact op te nemen met Venice Art – voor het geval ik ooit een masker wil laten maken met bijvoorbeeld een engel erin verwerkt, of The First Kiss van Bouguereau erop geschilderd. Engelenmaskers waren er namelijk niet, wél vlinders!
Na ons bezoek aan het Venice Art Museum maakten we een korte stop bij de katholieke Sint-Nikolaaskerk, die aan de buitenkant – met zijn lange, smalle toren – mooier oogde dan vanbinnen. Daarna snel door naar de Rozafa-burcht, die om 19.00 uur zou sluiten.
Strakke planning vandaag: twee kastelen, de bazaar, een museum, het atelier én ook nog zwemmen bij het hotel!
Bovenop de heuvel waar de rivieren Drin, Buna en Kir samenkomen, rijzen de oude stenen muren van het Rozafa-kasteel op. Dit imposante fort bewaart niet alleen stenen en geschiedenis, maar ook een van de meest hartverscheurende legendes van Albanië.
De legende van Rozafa
Lang geleden bouwden drie broers een groot fort op deze heuvel. Maar elke ochtend bij zonsopgang was hun werk ingestort. Radeloos gingen ze naar een wijze oude man. Hij sprak: “Om het fort te laten staan, moeten jullie een offer brengen. Eén van jullie vrouwen moet levend worden ingemetseld in de muur. Alleen dan zal het bouwwerk eeuwig blijven staan.”
De broers spraken af hun vrouwen niets te vertellen, en dat degene die de volgende dag als eerste eten kwam brengen, het offer zou zijn.
De volgende dag kwam Rozafa, de jongste vrouw, als eerste de heuvel op, met haar pasgeboren baby op de arm. Toen haar man en zijn broers haar vertelden over hun gelofte, stond Rozafa versteld. Maar na een moment stemde ze dapper toe.
Rozafa zei:
“Als ik dan in de muur moet, laat mij toe mijn kind te blijven verzorgen: laat mijn rechterborst vrij om hem te voeden, mijn rechterarm om hem te wiegen, mijn rechtervoet om de wieg te wiegen, en mijn oog om hem te zien.”
En zo geschiedde. Tot op de dag van vandaag voelen de muren van het Rozafa-kasteel vochtig aan, alsof de melk van Rozafa’s borst nog steeds stroomt – een eeuwig teken van moederliefde en opoffering.
Nu dat wil je toch zelf aanschouwen dus na het parkeren onderaan de berg begonnen we aan de steile klim omhoog, opnieuw over onmogelijke, gladde keien, en dat bij 31 graden! Boven bij de poort liepen we voorzichtig door het eerste, tweede en zelfs derde compartiment. Het uitzicht was schitterend: het grote meer, de rivieren, de stad – alles lag aan onze voeten. Zelfs ons hotel, Principe del Lago, was vanaf het kasteel zichtbaar.Echter Rozafa konden we niet ontdekken. Dus na vele stappen op de burcht te hebben gezet gingen we weer terug naar onze auto.
Onderweg naar beneden namen we een ijsje bij een kraampje en op tip van de verkoper maakten we het plan om die avond te gaan eten aan het water.
Via smalle straatjes vol gaten – waar eigenlijk geen echte bestrating lag – reden we naar restaurant Legjenda. Onderweg kwamen we langs een sloppenwijk: geen stenen huizen, maar golfplaten en hout, ramen van plastic zakken, kleding als afscheiding tussen de buren. En dat alles op een vuilnisbelt.
Dat de mensen arm waren, wist ik. Maar dat ik hier Afrikaanse taferelen zou tegenkomen, had ik niet verwacht. We voelden ons eerlijk gezegd bezwaard dat we even verderop in een restaurant gingen eten, op nog geen 2,5 km afstand, waar waarschijnlijk iedereen via een heel andere route naartoe reed – zonder deze armoede te zien.
Bij aankomst leek het restaurant gesloten, maar gelukkig bleek dat niet zo te zijn. Het lag direct aan het water, waar jonge eendjes hun best deden om niet kopje onder te gaan in de sterke stroming. Even later kreeg ik een bord garnalen in de schil, zo groot als mijn middelvinger, met romige risotto erbij. Ad kreeg een bord met geslacht lam en botjes voorgeschoven.
Eet smakelijk! Het kostte even moeite, maar uiteindelijk smaakte alles heerlijk. Met drankjes erbij waren we maar €26 kwijt.
Op de terugweg naar het hotel namen we ditmaal de makkelijke, betere weg, zonder dat we ons opnieuw schuldig hoefden te voelen.
We maakten spontaan een afslag.
In plaats van links over de brug, namen we de rechterafslag en reden door een smal dorpje waar de lokale bevolking op stoelen op de stoep zat. Matrassen en kleden hingen over metalen hekken. We twijfelden even: was het veilig om door te rijden? Fietsers op oud ijzer passeerden ons rakelings. Nee, fatbikes kennen ze hier niet. Oude snorbrommertjes wél!
Het begon al te schemeren; de zon gaat hier rond 20.00 uur onder. Langs het grootste meer van Albanië, Lake Skadar, reden we richting de grens met Montenegro. Wandelaars, fietsers en brommertjes reden tegen het verkeer in, vaak zonder licht. Overdag niet erg, maar ‘s avonds en ‘s nachts wordt dat een ander verhaal. Dus: oppassen geblazen!
Opeens veranderde het straatbeeld: we kwamen in het dorpje Shirokë, waar vele restaurants langs het meer lagen. Terrasjes aan het water, parkeerwachters die auto’s op de bon zetten omdat ze nergens mochten staan. Net op tijd konden wij onze auto achteraf, offroad parkeren om de zon te zien ondergaan achter de glooiende groene bergen. En vanaf dat moment: een gebrul van jewelste…
Foto’s
4 Reacties
-
Nan:30 mei 2025Veel te zien daar. Het ziet er ongerept uit. En ook nog mooi weer!
-
Trudy:31 mei 2025Wat een avontuur en een bijzonder land,veel geschiedenis,veel cultuur Het maakt nieuwschierig😎☺️🙋🏻♀️
-
Leslie:1 juni 2025Bijzondere reisbestemming , prachtige ruige natuur, ik geniet mee van jullie reis.
-
Susanne van Bergen:3 juni 2025We kunnen tegen die tijd dat wij nr Albanië op vakantie gaan jullie route 1 op 1 volgen vr alle highlights!🤣

