OP ZOEK NAAR MIJN SCHAT!
Na 30 minuten rondstruinen in de hitte door de spookstad, vertrokken we vanaf de aanlegsteiger van het eiland Sazan naar de volgende stopplaats van deze excursie. Maar goed ook! Het zweet liep namelijk in straaltjes langs de bilnaad van mijn zwempak. Wat was het heet, en er was werkelijk nergens een plekje in de schaduw te vinden. De bunkers boden ook geen schuilplek. Bij één van de bunkers lag zoveel wc-papier, en de lucht daarbinnen was niet te harden!
Ook op de boot zaten we vanaf Vlorë al bijna drie kwartier in de volle zon. Gelukkig had ik de stevige zonnepet/klep op die ik van vriendin Adrie had gekregen, want de eerste pet vloog al na vijf minuten uit de speedboot – dankzij de snelheid, die opliep tot 63 km per uur.
Nadat we het eiland Kazan weer achter ons lieten, voeren we richting de grot van Haxhi Ali (Shpella e Haxhi Aliut). Dit is een indrukwekkende, natuurlijke zeegrot in Albanië – vol historie, natuur en avontuur. Deze verborgen parel ligt aan de kust van het Karaburun-schiereiland, nabij de stad Vlorë, en is alleen per boot bereikbaar. Het is een van de mooiste en bekendste grotten van het land, en een absolute aanrader voor liefhebbers van natuur, zee en verhalen uit het verleden.
Stalactieten en rotsformaties aan het plafond geven de grot een magische sfeer. Als je vroeg op de dag komt, valt het zonlicht prachtig naar binnen. Wij waren er echter pas rond vier uur ’s middags. Het kristalheldere water nodigt uit om te zwemmen of snorkelen. Ad was de enige toerist die uit de boot sprong – snorkel en duikbril op, GoPro in de hand – op zoek naar de schatten die onder het wateroppervlak verborgen lagen. Hij trotseerde zelfs de kou van het water en werd vol spanning gevolgd door de 15 andere medepassagiers die met mij op de boot bleven wachten.
Omdat Ad zijn loodgordel niet om had en dankzij het vele bier van deze reis wat meer drijfvermogen had gekregen, lukte het hem niet om naar de 30 meter diepe bodem af te zinken. Wel zag hij aan de oppervlakte allerlei zeeleven voorbij zwemmen. Kleine vissen schoten pijlsnel af op het brood dat hij nog in zijn zwembroek had gestopt. Helaas geen dolfijnen gespot, al worden die hier soms wel gezien voor de grot.
De grot is vernoemd naar de legendarische Albanese kapitein Haxhi Aliu (Haxhi Ali Ulqinaku), een 17e-eeuwse zeeman uit Ulcinj (nu Montenegro), van Albanese afkomst.
Haxhi Ali werd beroemd als zeekrijger en verdediger tegen Ottomaanse piraten. Volgens de overlevering gebruikte hij deze grot als schuilplaats en uitkijkpost. Samen met zijn zoon zou hij hier gewoond en gevochten hebben tegen indringers. De plek kreeg daardoor een bijna mythische status onder de lokale bevolking. Hij werd gevreesd én bewonderd als held tegen de Ottomanen en de grot is alleen met een kleine boot te bereiken. Er moeten dan daar toch wel nog wat pareltjes liggen zou je denken!
Helaas vond ook Ad daar geen schat… alhoewel… ik zat toch nog in de boot!
Smeren, smeren en nog eens smeren.
Ja, we hebben hier in Albanië al heel wat rood gekleurde toeristen gezien. Het Albanese volk onderscheidt zich duidelijk van deze zonverbrande bezoekers door hun diep gebruinde huidtint. Dus: flink smeren met factor 50, om zelf niet ook tot de rode kreeften te gaan behoren.
Ook op de boot, onderweg naar onze volgende stop: een kleine baai op het schiereiland Karaburun, was insmeren weer hard nodig. Daar zouden we twee uur verblijven, dus het werd tijd om te gaan snorkelen.
Een handige aanlegsteiger? Die was er niet. Gelukkig heb ik de afgelopen periode flink gewerkt in de horeca tijdens de vele evenementen, anders was het me waarschijnlijk niet gelukt om aan wal te komen. Zelfs Ad had moeite: hij stapte mis en zag zijn slipper direct de steile afgrond afglijden, tussen de rotsen en het water verdwijnen.
Ik meteen in de stress, want de boot stond al op het punt te vertrekken om een groep toeristen terug naar het vasteland van Vlorë te brengen. Konden we de vishengel van de kapitein – die net nog werd gebruikt om een afgewaaide pet uit zee te vissen. misschien inzetten om de slipper te redden?
Maar manlief was me voor! Met acrobatische bewegingen (wel eerst nog even mijn sandalen aangedaan) en bijna in een split wist hij zijn slipper nét op tijd weer aan wal te krijgen. Held!
Echt nodig had hij 'm niet, want we gingen snorkelen. Onze waterschoenen gingen aan. Die zijn onmisbaar om te voorkomen dat je met zee-egelnaalden een ongewenste vorm van acupunctuur oploopt.
De GoPro mocht natuurlijk ook weer mee. We zwemmen hier telkens in water met een andere kleur, dus het blijft even puzzelen welk filter we het beste voor de lens kunnen plaatsen.
Maar goed, het brood deed z’n werk weer prima: talloze vissen kwamen massaal, en duidelijk uitgehongerd, op het brood af.
Het water was heerlijk van temperatuur. Veel warmer dan in het Koman Lake, de Shala-rivier of bij de Blue Eye in Theth. Echt een verschil van zeker 15 graden!
En hoe fijn was het om na twee uur snorkelen weer opgehaald te worden, net op het moment dat de zon bijna onderging achter Sazan Island. Wat een plaatje om volop vast te gaan leggen, terwijl de boot nog harder over de golven ging.
Deze excursie, die in totaal bijna vijf uur duurde met de speedboot van Vlora boat tour, maakte het warme weer van die dag prima te verdragen.
En dat na onze actieve start die ochtend in Apollonia, waar ik serieus even dacht dat ik het niet ging overleven door de hitte.
Bij de auto aangekomen, gingen we na de boottocht eindelijk op weg naar ons onderkomen voor die avond en nacht: Bohemian Boutique Suite, gelegen in de oude binnenstad van Vlorë.
We volgden Google Maps, en opnieuw werden de straatjes steeds smaller en steiler. Opeens stonden we midden in een achterbuurt, rijdend over onverharde wegen. Ja, de oude binnenstad van Vlorë bleek dus écht niet te lijken op de moderne boulevard aan de Adriatische Zee, waar we eerder die dag nog hadden gewandeld.
De auto werd geparkeerd, nadat we gelukkig nog nét een laatste plekje vonden. En toen: de straat over!
En daar werden we compleet verrast. Geen bouwvallig onderkomen, maar een supermooie suite met een groen balkon, midden in het al gerenoveerde deel van de oude stad. Wat een contrast!
Snel het zoute water van ons afspoelen, en daarna aan de overkant van de straat het restaurant Restorant Tradicional SIAR in om onze uitgehongerde magen te vullen. Twee uur later liepen we de 25 meter weer terug, met een volle buik en twee zelfgebrouwde raki’s rijker, klaar om – al schommelend – in dromenland op zoek te gaan naar de goed verborgen geheimen op Sazan en de schatten van Haxhi Ali.
1 Reactie
-
Vera Mollers (oud-collega Liesbeth):15 juni 2025Wat een mooi verhaal weer, door je beschrijving lijkt het net alsof ik er een beetje bij ben😀

